Skip to Content

Contraststoffen

Een contraststof of contrastmiddel is een stof die toegevoegd of toegediend wordt om met een bepaalde beeldvormende techniek duidelijkere beelden te krijgen.

Toepassing


Zo wordt het bij het maken van röntgenfoto's (RX en CT-scan) gebruikt om de verschillen in absorptievermogen van de verschillende lichaamsdelen te vergroten. Door een dergelijk middel op de juiste manier toe te dienen aan een patiënt voor het maken van een opname, kunnen vaak structuren zichtbaar worden gemaakt die anders op de foto niet zichtbaar zouden zijn.

Op echografie wordt soms gebruik gemaakt van 'luchtbelletjes'.

Voor het maken van NMR-scans krijgen patiënten gadoliniumverbindingen als contrastmiddel geïnjecteerd om de beelden te verbeteren.

Onderverdeling naar absorptie


Contraststoffen worden onderverdeeld in:

- positieve contrastmiddelen, die slecht doorlaatbaar zijn voor röntgenstraling, waaronder de jodiumhoudende (bijvoorbeeld Iopamidol) en bariumhoudende contrastmedia worden gerekend
-negatieve contrastmiddelen, waarbij door middel van het toedienen van een gas (bijvoorbeeld lucht) de structuren van het menselijk lichaam beter worden afgegrensd.


De indeling in positieve en negatieve contrastmedia is gebaseerd op grotere respectievelijk kleinere absorptie van fotonen ten opzichte van de wekedelen. Negatieve contrastmedia kennen een lagere dichtheid dan de wekedelen en nemen derhalve minder fotonen op. Positieve contrastmiddelen daarentegen bevatten veel atomen met een hoog atoomnummer, waardoor röntgenstraling beter wordt geabsorbeerd.

Organen
Contrastmiddelen worden vooral toegepast bij het afbeelden van het bloedvatenstelsel en het hart (jodiumhoudende contrastmiddelen) en in het maag-darmkanaal (bariumhoudende contrastmiddelen).

Eisen
De gebruikte stoffen moeten niet giftig zijn, goed worden verdragen en snel worden uitgescheiden. Bariumzouten zijn giftig maar bariumsulfaat is zo slecht oplosbaar dat het de darm passeert zonder te worden opgenomen. Jodiumverbindingen geven soms aanleiding tot allergische reacties. In dit geval wordt er geen contraststof toegediend of wordt de patiënt medicamenteus voorbereid.

Indien allergisch voorbeschikt gelieve dan ook steeds de dienst radiologie te verwittigen zodat gepaste maatregelen genomen kunnen worden.